Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den ontvanger Bernard Julsingh. Ook voor dezen bleek het bezit van een kasteel boven zijne krachten te gaan, elf jaren later, in 1691, werd de Tackenborg opnieuw door de schuldeischers van den eigenaar verkocht. Nu werd kooper een familielid, Johannes Julsingh geheeten, en toen deze in gebreke bleef de kooppenningen te betalen, werd in hetzelfde jaar 1691 ten derde male de Tackenborg voor schulden verkocht. Thans werd kooper de bekende burgemeester van Groningen Johan van Julsingha, die 22 Mei 1703 overleed. In 1707 en 1712 vinden wij Coppen Jarges als heer van Tackenborgh, na hem zijne weduwe Clara Alberda (1716) en vervolgens zijn zoon Schelto Reint (1727). Omstreeks 1738 werd de Tackenborg, waarvan geene afbeeldingen bekend zijn, gesloopt.

TAMMINGABORG of het Huis te Bellingeweer.

Op eene wierde ongeveer tien minuten ten zuiden van Winsum, aan de oostzijde van den straatweg.

Omstreeks 1400 leefde Onno Tamminga in Tammingaborg tot Bellingeweer. Telkens in rechte afstamming van vader op zoon waren na hem heeren der borg: Allard, Onno II, ^ . Allard II, Onno III, Schotto, Onno IV. Met den laatstgenoemde zijn wij in de i8de eeuw gekomen. Hij had eene | dochter Willemina, gehuwd met Frans van Burmannia, uit welk huwelijk Geertruida Foek van Burmannia werd geboren, die zich in 1727 met Schelto Reint Jarges in den echt begaf, waardoor hij heer van Tammingaborg, of zooals men toenmaals zeide, heer van Bellingeweer werd. Weduwe geworden, trad zij in 1732 voor de tweede maal in den echt, thans met Pier Willem van Sijtzama, die nu de heer van Bellingeweer werd. Na hem kwam zijn zoon F. O. van Sijtzama, totdat aan het einde der i8de eeuw het huis werd

Sluiten