Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

boomen en de zware pyramiden niet. Zij werpen te veel schaduwen in de schaduw laat geen groente zich kweeken.

Het is hier de plaats, om tegen overlading te waarschuwen. Men behoeft waarlijk niet naar de stadstuinen te gaan, om te zien, hoe overvuld ze vaak zijn. Buiten kan men dat even dikwijls opmerken. Vooral in het planten van boomen legt men vaak een ware liefhebberij aan den dag Men wil appelen en peren, pruimen en kersen plukken van een stukje grond, waar zelfs voor een enkelen boom nog geen voldoende ruimte te vinden is. Ken appelboom moet minstens over een cirkelvlak met een doorsnede van 8 a 10 M. kunnen beschikken; een peer en een kers stellen zich met weinig minder dan 8 M. tevreden en een pruim kan het moeilijk met minder dan 6 M. doen. Zoodoende moeten twee appelboomen minstens 8 ii 10, twee pere- en kerseboomen minstens" 6 a 8, twee pruimeboomen minstens 5 a 6 M. van elkander staan. Toch behoeft men zich in een klein tuintje van vruchten en schaduw niet te spenen. Doch dan geen hooge kroonboomen geplant, maar leiboomen tegen een muur of schutting en een prieeltje gebouwd op een plekje, dat daarvoor het doelmatigst gelegen is. Wij komen hier later op terug.

Achtereenvolgens zullen nu besproken worden : de Bloementuin, de Moestuin, de Vruchtentuin.

Sluiten