Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

legd. üp deze wijze wordt dan de tuin in verschillende kwartieren verdeeld. Elk kwartier wordt weer onderverdeeld in bedjes ter breedte van 1.20 M. met een voor ter breedte van 30 c.m. er tusschen. Deze voor is breed genoeg om er dwars in te gaan staan en de verschillende werkzaamheden op elk bedje te verrichten. En ook de bedjes ter breedte van 1.20 M. zullen in de practijk het doelmatigst blijken te zijn, niet alleen omdat men ze van weerszijden tot het midden gemakkelijk bereiken kan, maar ook omdat ze zich voorbeeldig laten beplanten met de verschillende gewassen, die al naar hun meerdere of mindere ontwikkeling, een onderlinge n afstand van 60, 40 of 30 c.m. van noode hebben. Zoo bieden zij respectievelijk aan twee, drie of vier rijen plaats.

Het verdient alle aanbeveling om de meerjarige gewassen, zooals de asperge, de rabarber, de zeekool en dergelijke, die niet in de gewone vruchtwisseling opgenomen kunnen worden, op een afzonderlijk gedeelte te vereenigen. Ook de ver¬

schillende toekruiden, waarvan men er in den regel niet vele van

Schets van een moestuin.

A. frambozen, G. plaats voor toe-

3. vaste planten,. kruiden,

C. koude bak met H. rabarber, zeekool glas, enz.

D. zonneberm, K. asperges,

E. zitje, M. bessen 1 met aard-

F. bijenstal voor 3 L. t'rara- 'beien er a 4 korven, bozen. * voor.

Sluiten