Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu wij in den geest als het ware, die twee groote stichtingen hebben nedergezet en het geprojecteerde ziekenhuis begraven, noodigen wij u uit, om opnieuw den blik achterwaarts te wenden en daarbij minder te letten op het uitwendige, dan wel op datgene, wat in de Stichtingen in den loop der tijden veranderde, en wat er zoo vermeldingswaard voorviel. —

IV.

Wij lezen in de notulen van 'tjaar 1866, dat er vele jongens ter Koopvaardij gingen, wat door Bestuurderen werd aangemoedigd, en wat de gezondheidstoestand van de ten platte lande uitbesteede kinderen aangaat, «over het geheel genomen gunstig, doch de andere resultaten omtrent de uitbesteding, minder gunstig zijn te noemen.»

«Zij, de uitbesteding namelijk, beantwoordt niet ten volle aan de verwachting.» Welke die verwachting was, vinden wij niet vermeld.

Tot onzegroote vreugde kunnen wij constateeren dat de cholera die in dat jaar onze goede stad teisterde, onder de verpleegden geene slachtoffers maakte. Trouwens over het geheel genomen, werd onze stichting van epidemieën gelukkig gevrijwaard; influenza uitgezonderd.

In het jaar 1867 werd een belangrijk besluit genomen. Als we zoo oppervlakkig lezen, hoe de Zondag in de stichting werd doorgebracht, dan zouden we geneigd zijn om uit te roepen: De dag des Heeren werd toen wèl in eere gehouden.

Welk een verschil toen of thans, 's Morgens naar

Sluiten