is toegevoegd aan uw favorieten.

Van de goedertierenheden des Heeren

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afmetende naar hetgeen door de verpleegden in die tijden werd genoten, was zulk blijk geven van dankbaarheid overweldigend, haast benauwend, doch wij kunnen het niet dan zeer hartelijk toejuichen, dat sedert eenige jaren niet die betaalde dankerkentenis voor goed is gebroken.

Natuurlijk is het aangenaam, wanneer een jongen of meisje uit naam van de vertrekkenden een hartelijk woord van dank uitspreekt, doch wij meenen terecht, dat zoo iets nooit van bovenaf » moet worden uitgelokt.

De jaren 1870 en 1871 waren voor het DiaconieWeeshuis in zekeren zin merkwaardig. De strenge winter van 1870 was oorzaak, dat het besluit genomen werd, om de verblijfplaatsen der meisjes gedurende de strenge koude te verwarmen. Blijkbaar geschiedde zulks tot dien winter nog niet en we gelooven, dat Bestuurders van die dagen, als zij zouden kunnen vernemen, dat het Diaconie-Weeshuis thans verwarmd wordt in den winter door 74 kachels, zij zeker allen, indien het nu nog mogelijk ware, evenals met het voorstel voor verbeterde voeding dit door twee hunner geschiedde, zouden protesteeren, en daarvan aanteekening verzoeken in de notulen.

We zullen echter wachten met die aanteekening, totdat, naar wij hartelijk wenschen, het huis van eene centrale stoomverwarming zal voorzien zijn.

Dat het Weeshuis opnieuw in gevaar verkeerd heeft blijkt uit hetgeen de geschiedenis vermeldt.

Vrijdag 10 Februari, 's avonds te circa Th. uur ontstond een begin van brand in het pakhuis van de firma HUNCK staande tegenover het Weeshuis. Het