is toegevoegd aan uw favorieten.

Eenige brieven aan een vriend te Jeruzalem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verlangen sterk naar de consequente toepassing van het tegenovergestelde beginsel. Het wordt meer en meer de vraag, of we een Godsstaat of een rechtsstaat moeten hebben. Keide opvattingen zijn misschien optimistisch. Maar zonder eenig optimisme kan een mensch moeilijk leven.

Hoe sommige antirevolutionairen redeneeren blijkt uit het volgende, dat gedrukt is in de N. Zwolsche courant van 4 Aug.

//Wij weten het, alle antirevolutionairen willen art. 168 der Grondwet gaarne gewijzigd of liever geschrapt zien. Niet alleen eene vrije school, maar ook eene vrije kerk is met het beginsel der antirevolutionairen ten nauwste verbonden."

„Eene vrije kerk is echter onzin, zoolang de staat betaalheer blijft: dus intrekking der staatstractementen aan de Godsdienstleeraars. Maar hoe schoon dit ideaal ook zij, wij gelooven, dat er nog veel zal moeten gebeuren, overdacht, bepaald en in de rij gebracht worden, alvorens men daartoe in staat zal wezen."

„Zal men den Staat vrij stellen van een groot deel der tractementen van de Godsdienstleeraars, zonder dat deze restitueert, wat het zijne niet is? Dat zou tegen alle gezond verstand strijden, en men zou dan het Rijk eene onwettige bezitting toekennen."

„Daarom gelooven we, dat vooralsnog aan art. 168 der Grondwet minder getornd moet worden. Evenwel voor de toekomst houde men eene betere organisatie te dien opzichte in het oog."

Uit zulk eene redeneering waait ons eene conservatieve kerklucht, als een echte grallucht, tegen. Een antirevolutionair met een heele organisatie in zijn oog, kan natuurlijk minder goed zien, al spreekt hij nog zooveel van „gezond verstand," en al noemt hij de Vrije kerk „onzin," zoolang de Staat betaalmeester blijft voor de niet vrije kerken.

We hebben, op dit punt, drie groepen van antirevolutionairen; le groep, die vooralsnog aan art. 168 G. W. niet willen tornen ;

2e groep, die vast willen beginnen te tornen ;

3e groep, die geen geduld hebben om te tornen en het onverwijld willen schrappen.

Zoo ook wat betreft art. 36 G. B. le groep, die het verwerpen :

2e groep, die het aannemen ;