Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toovenaar en anderen blijkt. Het gansche leven van Paulus was een strijd tegen de leugen.

En nu is de toestand, sedert vele eeuwen, zoo, dat dikwerf de godzaligsten en die het dichtst bij de waarheid leven als ketters en secretarissen uit het lichaam geworpen worden, dat zich uitsluitend de kerke Christi noemt, en door eene zich noemende Christelijke overheid aan den lijve gestraft worden.

In dit lichaam nu mogen de oprecht geloovigen ook blijven, mits zij ,/het juk dragen". Zij worden in dit lichaam geduld op voorwaarde dat zij de leugen dulden. Wie in zijn geweten zich zoo gebonden gevoelt aan de waarheid, dat hij de leugen niet dulden mag, wordt, ook nu nog, uit de Synagoge geworpen.

Dit is de waarachtige, werkelijke toestand, ook in onze dagen en in ons vaderland. Het is de zuurdeesem der farizeën, namelijk de geveinsdheid, die het geheele deeg doortrokken heeft.

Rechtsgeleerdheid, staatkunde en scholastiek oefenen dan ook veel uitgebreider invloed uit, dan de woorden van den Heere Jezus Christus, zooals ons, die, in de vier Evangelieën, zijn bewaard gebleven.

Vandaar ook de feitelijke verheffing van het Oude Testament als de eigenlijke Bijbel, richtsnoer van der Christenen geloof en wandel. Voor het publieke leven en voor de kerkelijke-politieke bedrijvigheid vindt men vooral in het Oude Testament bouwstoffen. Het is, zegt men, de Bijbel van Jezus, waarvan het Nieuwe Testament slechts een toevoegsel is. Het Oude Testament is de kerk; het Nieuwe de toren die er aangebouwd is, en zonder welken de kerk ook kerk is.

Hieruit volgt natuurlijk, dat het geheele leven een gewijzigd wettisch karakter krijgt. De personen van het Oude Testament worden de patronen der Christenen. Een hartstochtelijk afgescheiden gereformeerde b. v. zal zich gaarne beroepen op Elia, den vuurprofeet, met zijn : kiest heden wien gij dienen wilt. Een niet afgescheiden gereformeerde daarentegen voelt zich meer tot Jeremia aangetrokken, die bij Jeruzalems puinhoopen de breuke beweent van de dochter zijns volks, en zijn volk vermaant om het oordeel Gods in Babel te dragen en zegt: zoek den vrede der stad, want in haren vrede zult gij vrede hebben, en verlossing voorspelt, die op des Heeren tijd gewisseliik komen zal.

12

Sluiten