is toegevoegd aan uw favorieten.

Eenige brieven aan een vriend te Jeruzalem

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als alle waarheid, onafhankelijk van tijden en personen. Hoe bang ik ook ben voor ketterij, kan ik er mij toch in schikken dat er ook ketters op de wereld zijn. Ook zij moeten dienstbaar zijn aan de zegepraal der waarheid in het Koninkrijk van Christus.

11 December 1885.

Waarde Vriend !

Het is wel een opmerkelijk verschijnsel, dat de beweging op kerkelijk gebied gelijktijdig met die op maatschappelijk gebied plaats heeft. Er is in onze dagen een geweldige botsing tusschen kapitaal en arbeid, aristocratie en democratie. Op kerkelijk gebied verstaan wij Christ. Gereformeerden de kunst om met eene aristocratische kerkorde, democratisch te ïegeeien. In dit opzicht staan wij aan de spits der hedendaagsche beschaving en nationale ontwikkeling. Jammer slechts, dat dit niet meer bekend is en erkend wordt! Wij hebben eigenlijk van de volksopperheerschappij niets meer te vreezen. Scheiding van Kerk en Staat en schrapping van het budget van eeredienst is ons lievelingsdenkbeeld. Kapitalen ot goederen inde doode hand bezitten we niet. Kwamen de Socialisten onze kerkelijke kassen opeischen om onze bezittingen tot nationaal eigendom te verklaren, we zouden ons moeten schamen vanwege het geringe bedrag, dat ze zouden vinden. In nog andere opzichten zijn wij geheel op de hoogte van den tijd. En zoo wij dit een en ander al eens een enkel oogenblik uit het oog verliezen, dan is een brutaal woord of een flink dreigement voldoende om ons weder tot onzen plicht te brengen. Daar ook anderen, dan gij, mijne brieven lezen, ben ik genoodzaakt te zeggen dat het bovenstaande een weinig ironisch is. Er zijn menschen, zelfs in Amerika, die dit niet vatten, en daarom is men somtijds genoodzaakt te zeggen : dit is ironie.

Maar in ernst gesproken, gij weet dat in ons land de strijd tusschen aristocratie en volk inheemsch is. De hedendaagsche liberalen zijn de naneven der ouderwetsche Staatspartij, met dit onderscheid, dat hunne oppermacht niet meer op geboorte,