is toegevoegd aan uw favorieten.

Gods kinderen van Ur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat kapitalisten, die bij Egypte belang hebben, er wel aan zouden doen, hun aandacht te wijden aan het Victoriameer, dewijl het rijzen of dalen der wateren in dat bekken de hoeveelheid der voortbrengselen van Egypte bepaalt, — hij heeft daarmede slechts de aanwijzing gegeven van een verschijnsel, dat in de eeuwen vóór hem op aanmerkelijk grooter schaal deed zien, hoe God is een God van orde en niet van verwarring , Die alle ding schoon gemaakt heeft op Zijnen tijd.

Tijden lang had de regenval in het hooggelegen land der Wanyamwezi en der Wasoekoema aanleiding gegeven tot het periodieke rijzen van de groote rivier, die de Egyptenaar vaak eenvoudig „ de rivier" noemt, waarnaar de Hebreeërs haar den naam geven van Jeoor; de Grieken verschaffen haar den naam van Nijl. Straks nam in het Zuiden weer de uitdrogende zonnehitte de overhand. Hoog rezen in zulke tijden van stijging de wateren van den uit de Victoria-Nyanza en andere reusachtige waterbekkens (gelijk nog de Semliki-vallei tusschen het Albertmeer en het Albert-Edwardmeer bewijst) gevoeden, en als overladen, stroom. Vijf en dertig eeuwen na Koning Apepa zal de watermassa, die de Xijl bij hoogwater door Egypte heenvoert, door Duitschers (een volk ergens ten Noorden van het land der Kimineriërs) geschat worden op negenmaal de gezamenlijke hoeveelheid van hun rivieren Rijn, Wezer, Elbe, Oder en üonau met al hun zijrivieren, en deze waterstand en waterhoeveelheid zijn natuurlijk nog heel wat minder dan in de dagen van Amenemha III, die aan den rotswand, waar Ohakaoera Oesoertasen lil zijn voorganger de grens van Egypte had aangeduid, welke geen krijgslieden van Koesj (of Kasj) mochten overschrijden, de achtereenvolgende waterstanden van den Nijl heeft doen opteekenen. Hoogwaterstand in later eeuwen is ruim acht Meter lager dan deze eeuwenoude peilschaal aanwijst voor Amenemha's tijd.