Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het is duidelijk, dat deze verlaging van peil en de daaraan voorafgaande geweldige jarenlang zich herhalende verhooging van zeer grooten invloed moest zijn op het Egypte, waar Koning Apepa regeerde te Tanis (het Zoan der Hebreeën) en de afstammeling der zuiver-Egyptisehe Koningsdvnastieën Raskenen te Thebe onder hem (toen nog niet openlijk tegenover hem) macht oefende. En het mocht voor Egypte een zegen heeten, dat de voorzorgen door het hof'van den Hak-Sjasoe Apepa genomen, getroffen zijn, eer vandaar de beleedigende boodschap naar Thebe ging, die Raskenen1) prikkelde tot een opstand welke straks de beschermheeren van Joseph Zaphnat Paaneach verdreef, en jarenlang aan alle eenheid van gehoorzamen in het te voren zoo ordelijk en welingericht Egypte een einde maakte. Want nu werd door behoorlijke maatregelen behoorlijk profijt getrokken van den ongekend hoogen waterstand, en was men op de verarmende reactie, die onvermijdelijk moest volgen, en op de duurzame verlaging van rivierpeil, die evenmin uitblijven kon, voorbereid door de maatregelen, die de Noordelijke gebieder - de eigenlijke machthebbende nakomeling der Egyptisch geworden veroveraars — volgens den raad van zijn zienei Zaphnath Paaneach gelastte. Zoowel de latere inscriptie der Priesters van Chnoem op het eiland Sehêl bij den eersten Nijlwaterval tusschen Assoean en Philae als de hieroglyphische teekenen op het graf van den korenuitdeeler Baba te Nechebt 2) bewijzen, dat zoowel in Opper- als in Neder-Egypte met de voorzegging van den ziener Joseph is rekening gehouden naar het gebod van

Pharao Apepa.

Deze geweldige verandering in de geschiedenis van

1) Op den Papyrus Salliër I, in het Britsch Museum, medegedeeld.

2) Het latere El-Kab.

Sluiten