Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IV. Hebreeërs in Egypte.

I.

Zijn de Kinderen Israëls door Abraliam van Babylonische afstamming uit liet beroemde oude rijk van I r, en is de invloed in Kanaan op hun stamvaders geoefend in hooge mate Babylonisch geweest; ook in geheel anderen kring en onder gants andere invloeden hebben zij lange tijden verkeerd, eer het bij hen tot een gevestigd volksleven en een eigen — van anderen meer afgesloten — grondgebied kwam. Hoezeer ook al hun volkszeden mogen wortelen in de oude rijken van l r, Sumer, en Akkad, zijn zij toch tot een geheel zelfstandig volksbestaan opgewassen zonder daarbij de Babylonische en Semitische trekken van hun volkskarakter te zien verdwijnen.

Onder meer oorzaken was óók om deze reden noodzakelijk, dat zij een tijdlang uit het tijdens Abraham en Israël al te zeer Babylonisch gevormde Kanaan zouden afgezonderd zijn. En tevens, dat bet rijk waar de voorbereidende vorming van het toekomstige volk der „Kinderen Israëls" moest worden voortgezet, wèl een zeer sterk

Sluiten