Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ingang bij den lichtgeloovigen mensch, en al wordt hij maar al te vaak bijna niet als zonde beschouwd.

Verscheen in deze zaak eene vrouw als beschuldigde, tot Uw verbazing ziet Gij er thands eene als aanklaagster optreden.

Een burger van Hebron is kinderloos gestorven. Daar nu Israëls maatschappelijk bestaan ten nauwste samenhangt met de bestendigheid zijner erfelijke bezittingen, eens door Jehosjuang aangewezen met het heilige lot, is het ook noodzakelijk, dat het uitsterven der geslachten verhoed worde. Wordt aan deze bepalingen de hand gehouden, dan is nóch landontvolking, noch landnationalisatie denkbaar. „De aarde is des Heeren en hare volheid." >) heeft de Psalmzanger gejubeld. En Hij heeft de plaats van ieders woning niet alleen aangewezen, maar ook voor de handhaving van dit bezit gewaakt. Vandaar de bepaling in de vijfde rol van Mozes 2), dat de broeder eens kinderloos overledenen diens vrouw moet huwen. en zijn eerstgeborene als de zoon zijns broeders zal beschouw d worden. De vervulling van dien overouden, reeds in de dagen vóór de Wetgeving van den stamvader Juda;i) algemeen erkenden, en bovendien in de Wet zoo duidelijk aangewezen, plicht komt deze vrouw nu eischen; want Zilpah's zwager, hoewel ongehuwd, is niet gezind om deze verordening na te leven. En zoowel lietde jegens den overledene, als het belang van geheel Israël, en het bevel van Gods Wet, noodzaken haar dus hem deswege voor het gericht te dagen, al valt het haar niet licht. De Oudsten roepen hem tot zich. Zij wijzen hem op de velerlei gevolgen zijner weigering; maar te vergeefs. Hij verklaart eenvoudig en volstandig: „Het bevalt mij

1) Psalm 24.

2) Deuteronomium 25.

3) Genesis 38 : 8.

Sluiten