is toegevoegd aan uw favorieten.

Gods kinderen van Ur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn voorkomen en gewaad teekenen u den man, die het Bedawin-leven leidt, waartoe Jonadab de zoon van Rechab zijn nakomelingen lieeft verplicht. Onveranderlijk getrouw tot in de minste kleinigheid aan de voorvaderlijke zede, zoudt Gij in hem en de zijnen een volkomen gelijkend beeld vinden van de herders onder de Kinderen van Ur uit de dagen van Chammoerabi of van Apepa. Kleeding, huisraad, tenten, zeden van die tijden *) zijn vrij wel ongewijzigd dezeltde gebleven voor de tentenbewoners in de dagen van Juda's Koning Josjïjahoe. En mocht immer Jirmejahoe van Xganathoot, de Propheet op wiens optreden men begint de aandacht te richten, de getrouwheid der zonen van Rechab aan Jonadabs nakomelingschap willen beproeven, dan zal ongetwijfeld hun onveranderlijke gehechtheid aan de oude zede afdoende blijken 2).

(rij ziet het den man wel aan, zooals hij daar niet meer jong maar toch in ongebogen sterkte voor U staat. Zijn kleeding onverslijtbaar maar tevens onaanzienlijk, gelijk die der zijnen ....

„Daar hebt Gij het al," zegt Chabatzinjah. „Die kleeding! Vergelijk nu eens ons woestijngewaad met dat der zonen (en vooral der dochteren!) van Jerusalem!

Een enkele lendenschort, zooals de Egyptenaars gewoon zijn te dragen, vind ik te weinig kleeding. De Kinderen Israëls sluiten zich niet aan aan Egyptische zede, daartoe zijn zij te zeer Kinderen van Ur. Ook ons klimaat is daar niet geschikt voor, evenmin als voor dat dunne goed, waarin Egyptenaars zich soms kleeden, zoodat hun geheele lichaam er door schemert. Ik zeg: Geef een man een wollen lijfrok tot op of over zijn knieën met wijde gaten voor de armen. Doe er een lederen of linnen gordel

1) Zie „Het land, dat Ik u wijzen zal" en „Hebreeërs in Egypte''.

2) Jeremia 35.