Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te redden uit zijn diep gezonken toestand. Dat de regeering niet in staat was geweest eenig middel te bedenken, waardoor liet land zou kunnen gered worden, en dat hij uit kracht van de hem verleende macht de Republiek annexeerde."

Zoo was de noodlottige ure aangebroken; de doodsklok luidde over de hoofden der dappere Transvalere; de afstammelingen van de fiere Geuzen en Hugenoten waren hun vrijheid kwijt; — geketend lag de Zuidafrikaansche Leeuw achter de traliën. Helaas, de Boeren hadden het zich zelve te wijten. Nog eens, hadden Burgers en Kruger samengewerkt, nimmer zou het tot een annexatie gekomen zijn. Thans was alle verzet onmogelijk; het gekrakeel zou er slechts te grooter door worden. Wel had Aylward, de kommandant der vrijwilligers van Burgersfort en opvolger van kapitein Schligmann, zich geducht van levensmiddelen voorzien en gaf hij te kennen, dat hij het voornemen koesterde om het hoofd Je bieden aan de Engelsche troepen; doch hij sprak voor doovemansooren, — alle energie en wilskracht ontbrak op dat oogenblik, 't was of het Transvaalsche volk met lamheid was geslagen.

Het was den 11 April 1877 — de laatste zitting van den Volksraad te Pretoria.... een hartroerend oogenblik. Be voor weinige jaren zoo gevierde, levenslustige en moedige Thomas Franfois Burgers, thans gebroken van hartzeer en verdriet, rijst van zijn zetel op. Krachtig protesteert hij tegen het Britsche onrecht en houdt een indrukwekkende rede. Hij smeekt de ambtenaren, in hun betrekkingen te blijven, daar zij als vrienden van de Bepubliek beter voor de belangen van haar konden waken. Hij wees hun er op, hoe elke openvallende plaats door een vreemdeling zou worden ingenomen, en dat — al wapperden er ook duizend Britsche vlaggen boven het hoofd van elk hunner — zij toch onafhankelijk zouden zijn, zoolang hun harten klopten voor het Hollandsch-Afrikaansch element. Daarna nam de staatssecretaris het woord, en zich tot de leden van den Volksraad wendend, sprak deze: «Eenmaal hopen wij u nog weder aan het hoofd te zien van het vereenigd, onafhankelijk Zuid-Afrika!" En vervolgens aan den president de sleutels van zijn kantoor overreikend, voegde hij erbij: »Uit uw handen ontving ik ze; alleen in uw handen leg ik ze weer neder!" Het laatste woord was aan president Burgers. «Ambtenaren der Zuidafrikaansche Republiek!" riep hij met trillende stem uit: »ik sta dezen sleutel af aan de overmacht. Dat doende, Heeren, leg ik hem in handen van den Almachtigen God! Mijn laatste order is: geef uw sleutel af aan het nieuwe staatshoofd!" — De ure was gekomen, de Zuidafrikaansche

Sluiten