is toegevoegd aan uw favorieten.

Het land van Kruger en Steijn

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meeste Engelschen; met vriendelijk zachte stem, zelfs iets vleiend van toon, of argeloos goedhartig, maar hij tegenspraak scherp, sarcastisch, hard. Zie, daar komt de hooge commissaris aanrijden; vier dagen lang heeft hij de Boeren laten wachten. Een schitterende lijfwacht omstuwt hem. Doch de eenvoudige Boeren laten zich door die Engelsche praal niet van de wijs brengen: Sir Bartle Erere bewoog zich door twee dichte rijen Boeren, die zwijgend hun hoogen bezoeker aanzagen en zelfs den hoed niet afnamen voor den directen vertegenwoordiger van Hare Majesteit. Ieder gevoelde zich een Willem Teil, die weigerde zich te ontblooten voor het vernederend symbool der dwingelandij. Dat had thans lang genoeg geduurd; daar moest een eind aan komen. Het was een prachtig schouwspel, hetwelk Hennopsrivier dien gedenkwaardigen l'2 April aanbood: de trouwste, kloekste, eminentste mannen van de Zuidafrikaansche Republiek waren er tegenwoordig; mannen, die allen hun namen gegrift hebben in liet boek der geschiedenis en wier kranige liguren ook thans in den beroemden Vrijheidskamp van I8()9—l'.KX) telkens opdoemen. Zie, daar hebt ge b.v. Paul Kruger en Piet Joubert. Oom Paul, de ziel van de beweging, bedaard, onverschrokken, en gereed om zijn gezond verstand te nieten met de lijne diplomatiek van den Hoogen Commissaris; Slim Piet. vurig en driftig vandaag, met moeite zijn ongeduld verkroppend, want hij is van Eransche af komst, moet ge weten, en voelt het bloed van den levendigen Hugenoot in zijn aderen bruisen. Naast Joubert ontwaart gij den oud-president Martinus Wessel Pretorius, den zoon van den energieken Andries Pretorius, die de Boeren uit Natal herwaarts leidde. Met ondank door het Transvaalsche volk beloond, is hij geleden smaad vergeten en — het «eendracht maakt macht!" gedachtig — heeft hij zich bij zijn wapenbroeders aangesloten, teneinde door zijn bezadigde taal de steeds heeter wordende gemoederen in toom te houden. Dicht bij hem staat Jacoh Maré, de heldhaftige kommandant van Heidelberg, van welke plaats straks de victorie zal uitgaan. En verder ontdekt gij den dapperen vechtgeneraal Nicolaas Smit, die zich straks aan den Ingogo zoo verdienstelijk zal maken; Frans Joubert, die de rooineks te Bronkhorstspruit voor zich uit zal drijven; Christiaan Joubert, een der kloekste mannen in den strijd en op het slagveld; Lodewijk de Jager, man met een helder hoofd, en ten slotte Jan Joubert, Jan Jacobs, Ben Viljoen en Iiobinson, de laatste vooral trouw vriend van Kruger, 0111 van Prinsloo en Botha en Schoeman en Cronjé en zoovele anderen niet te spreken. En ginds op den achtergrond de twee brave, trouwe Hollanders, die ferm en flink