Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed in en staken er bijtijds een stokje voor. Dat de heeren daar niet al te best over te spreken waren, ligt voor de hand. Krachtig ook pleit de behandeling der mijnarbeiders voor de Boeren, tegen de Engelschen. Een der grootste Engelsche maatschappijen tot exploitatie van mijnen in de Zuidafrikaansche Republiek is de zoogenaamde Ecksteingroep, wier mijnen beheerd werden door de heeren Rhodes, Werner, Beit en Co. In deze mijnen — ze zijn thans tengevolge van den oorlog gesloten —werd van de werklieden niets anders gevraagd en vereischtdan blinde gehoorzaamheid aan de bestuurders, die echte Jingo's waren. De duizenden werklieden, bij deze groep werkzaam, waren Engelschen; andere nationaliteiten konden bij haar geen werk krijgen. Deze duizenden arbeiders waren het vooral, die de monsterachtige leugenpetitie aan het Engelsche gouvernement moesten teekenen op straffe van ontslag; zij waren het, door wie duizenden naamteekeningen naar het Engelsche parlement gezonden konden worden om de Uitlanderskwestie ter tafel te kunnen brengen, en men weet met welke ver strekkende gevolgen. Geen pardon voor de werklieden, die tegen de politiek van deze heeren bestuurders waren. Hieruit is onder meer voortgekomen, dat de werklieden, die — toen de strijd ontbrandde — hun leiders moesten volgen, thans geruïneerd en broodeloos in Durban. East-Londen1) en Kaapstad rondslenteren.2) Genoemde Ecksteingroep bezit ook de Kimberleymijnen, die heer Rhodes millionnair gemaakt hebben. Vroeger, toen deze plaats nog niet door gezegde groep was ingeslokt, was Kimberley een bloeiende stad; doch thans, nu de Engelschen daar heer en meester zijn, is het één groote gevangenis, waar niemand zijn eigen meester is. Het is nu één groote maatschappij, waarvan de directeuren ongeveer dertigduizend pond sterling /'!!!/ salaris per jaar genieten en voor hun leven benoemd zijn. Het geheel is afgesloten, zoodat er geen werkman uit of in kan, of hij moet voorzien zijn van een pas van de directie. De maatschappij heeft haar eigen winkels met gedwongen winkelnering; de werktijd is twaalf uur per dag. Daar heerscht in nog sterker mate dezelfde toestand als vroeger bij ons te lande in de veenderijen, met dit groote verschil nochtans, dat de bazen in Kimberley schatrijk zijn. ü, dat beschavende Engeland! Die edele menschenvrienden!

Hoe gunstig steekt daarbij af de toestand van den werkman in de Zuidafrikaansche Republiek. De achturige werkdag is daar door den

1) Zie het latere hoofdstuk: Het Land van Kruger en Steijn. Een reis door de Boerenrepublieken.

2) S. Kalff. Onder een worstelend volk.

Sluiten