Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten) is dan het beste; door kleine stukjes ijs tusschen de vingers te kneden, kan men er pillen van maken die gemakkelijk ingeslikt kunnen worden. Men doet ook goed met eene ijsblaas op de maagstreek te leggen, maar mane den patiënt vooral aan om doodstil te blijven liggen.

öO Bij het vullen van die ijsblaas denke men er aan vóór het sluiten de lucht er zooveel mogelijk uit te laten ontwijken; ook later moet men van tijd tot tyd het water er uit gieten. Na korten tijd is de ijsblaas van buiten nat, ook al is zij niet lek; dit komt doordat de waterdamp uit de veel warmere omgevende lucht er op nederslaat, hetgeen het wenschelijk maakt een ijsblaas nooit op de naakte huid te leggen.

21 § 5. Spijsvertering in de darmen. Uit de maag komt het voedsel dat dan al reeds gedeeltelijk verteerd is, in de darmen, eene 8 a 10 M. lange buis (zie flg. 5), waarin nu voornamelijk de spijsvertering plaats heeft. Deze buis ligt in allerlei kronkels opgerold in de buikholte. Haar wand is op eene dergelijke manier gebouwd als die van de maag, van binnen bekleed door een slijmvlies dat eene massa kliertjes bevat en daaromheen eene laag van kringsgewijs geordende spieren, het geheel bekleed met buikvlies.

Dat slijmvlies met zijne klieren levert darmsap, het derde spijsverteringsvocht dat we leeren kennen, doch van ondergeschikte beteekenis; maar daarenboven werken er in de darmen nog andere vochten op de voedsels in.

Vooreerst de gal. De gal is een van de voornaamste spijsverteringsvochten; zij wordt gemaakt in de lever en stempelt daardoor dit orgaan tot eene groote klier. Uit de lever komt de gal niet direct in het darmkanaal, doch komt eerst in de galblaas waarin zij eenigen tijd bewaard blijft.

De gal is eene bruingele vloeistof en deelt haar kleur mede aan de faeces*); vandaar dat bij leverziekten, waarbij geen gal afgescheiden wordt, de faeces er wit als stopverf uitzien.

22 Het kan dan voorkomen dat de gal in plaats daarvan in het bloed opgenomen en door het geheele lichaam verspreid wordt; de huid (en vooral het wit der oogen duidelijk) worden dan geel gekleurd. Men noemt dit geelzucht of icterus. Dit is dus geen ziekte op zichzelf, zooals de leeken meenen, maar een verschijnsel van eene ziekte van de lever").

Hieruit volgt ook tevens de onzin van de meening dat de zoogenoemde „galbleinen" (die sommige personen krijgen na het gebruik

#) Ontlasting; spreek uit: »fe-tses."

**) Eéne uitzondering hierop is er; de catarrhale icterus, die een gevolg is van darmontsteking.

Sluiten