Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voedsel; niet alles echter wordt opgenomen; ik heb al gezegd dat het leven in de cellen is eene voortdurende stofwisseling. Er worden wel stoffen opgenomen maar ook andere uitgestooten en die moeten weder uit het lichaam verwijderd worden. Eéne van die stoffen, het koolzuur, verdwijnt uit het lichaam door de longen en gedeeltelijk ook door de huid, zooals we al bij gelegenheid van de bespreking der ademhaling hebben gezien; eene andere, de pisstof (ureum), is behalve water het hoofdbestanddeel van de urine en wordt tegelijk hiermede door de nieren afgescheiden.

De urine is dus van geheel anderen aard dan de ontlasting. De laatste is slechts de afval van de spijsverteering, de eerste een product van de stofwisseling.

95 We hebben twee nieren, ter weerszijde van de wervelkolom in de lendenen gelegen. Zij hebben den vorm van een boon en bestaan uit een zeer ingewikkeld weefsel. Aan de holle zijde zit een vliezig zakje, het nierbekken geheeten, waaruit eene buis, de pisleider (Lat. ureter) naar de blaas leidt (üg. 40). Door de nierslagader komt het bloed uit de aorta in de nier en stroomt er weder uit door de nierader, na zich natuurlijk alvorens tot

middenrif (idinphragma).

noria.

linker-nierarterie. linker-nier.

linker-nierader.

linker-buikslagader. linker-buikader.

heiligbeen wervel.

onderste holle ader.

rechter-nierarterie. rechter-nier. rechter-nierader.

ureter.

Fig. 40. Ligging der nieren in de buikholte.

Sluiten