is toegevoegd aan uw favorieten.

Handboek der ziekenverpleging

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kleur wordt, verzwakt en sterft. Maligne tumoren hebben daarenboven de eigenaardigheid van spoedig terug te komen, te „recidiveeren", indien bij de operatie ook maar het kleinste deeltje, een enkel celletje van het vreemde weefsel is blijven zitten; verder dat ze zoogenoemde „metastasen" vormen, d.w.z. gelijksoortige gezwellen op andere plaatsen van het lichaam, als het ware uitzaaiingen. Wetenschappelijk worden zij natuurlijk nog onderverdeeld naar hun microscopischen bouw; voorde verpleging heeft dit echter geen waarde.

Van hun ontstaan is nog weinig bekend en toch is dit natuurlijk van het hoogste belang voor de behandeling. Als een tumor eene zekere grootte bereikt heeft en dan gaat verzweren, „ulcereeren", is dit zeker een gevolg van bacteriënwerking; daarom behoeft echter de oorspronkelijke aanstoot tot de vorming die oorzaak nog niet te hebben. Aseptisch moeten bij de operatie de instrumenten en het verband natuurlijk altijd zijn, maar de vraag is of ook ara<iseptica noodig zijn; waarschijnlijk is dit tot nog toe niet. We beschouwen dus kanker ook niet als eene besmettelijke ziekte; man of vrouw behoeft geen andere slaapplaats op te zoeken indien een der beide echtgenooten carcinoma heeft, en er is volstrekt geen bezwaar dat na het overlijden van den patiënt het lijf- en beddegoed na gewa,sschen te zijn door de overlevenden gebruikt wordt *). Het is niet onmogelijk dat het ontstaan van recidief in het litteeken een gevolg is van het uitzaaien, inplanten van enkele celletjes in het gezonde weefsel, wanneer na de wegneming van het gezwel dezelfde instrumenten gebruikt worden voor het vervolg van de operatie.

Onze antiseptica vermogen niets op het leven dier celletjes indien de inwerking zoo kort en oppervlakkig is, en het in carbol leggen van instrumenten en het met sublimaat afspoelen van de wondvlakte gedurende de operatie is dus waarschijnlijk onnut. Ik zal later eene methode van behandeling der instrumenten bespreken die hiermede rekening houdt.

§ 2. Vormen en namen. De verschillende weefsels, die we hebben leeren kennen in Hoofdstuk IV van de vorige afdeeling, kunnen allen door hun overmatigen groei aanleiding geven tot het vormen van tumoren, en ze dragen dan verschillende namen.

Tot de goedaardige tumoren behooren: 223

F i b r o m e n ; dit zijn gezwellen uit bindweefsel bestaande. De verpl. zal meermaien gelegenheid hebben om ze te zien wegnemen van den uterus, soms met uterus en al.

Lipomen bestaan uit vetweefsel. Het vet is natuurlijk ook weer besloten in cellen, die door bindweefsel tot klompen bij

*) Antwoord op vragen, die zeer vaak gedaan worden.