Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In de plaats daarvan traden nu berken, eiken, wilgen, populieren, elzen, ahornboomen en haagbeuken op, die, hoewel nog afwijkend van de tegenwoordig levende soorten, toch de duidelijke vertegenwoordigers waren van een kouder klimaat.

Velen hadden lederachtige bladen en behoorden tot de altijd groene gewassen, terwijl er onder waren, zooals de ouderwetsche gingkoboomen, moerascypressen, de wijnstok, liaansoorten, grootbloemige magnolien en andere hoornen en struiken, die nog aan den prachtigen tropischen plantengroei der warmere eoceen- en oligoceenperiode herinnerden.

Doch die heerlijke wouden lagen daar niet eenzaam en verlaten ! Welk een menigte van de grootste diergevaarten, van de vreemdsoortigste vormen en tot de meest uiteenloopende groepen van de zoogdierklasse behoorend, hebben de ijverige nasporingen der palaeontologen niet aan het licht gebracht. Hoe arm en nietig schijnt ons niet de hedendaagsche fauna van ons werelddeel, vergeleken bij de dierenwereld, die de wouden van den mioceentijd bevolkten en tegenover welke zelfs de zoogdierfauna van de wouden onzer tegenwoordige tropenlanden ons een nietig overblijfsel toeschijnt!

Te midden dezer ontzaggelijke menigte der meest uiteenloopende en sterkste dieren nu trad de miocene aapmensch op. Als een lichamelijk nog betrekkelijk zwak wezen, sterk behaard, nog zeer voorovergebogen loopend, met zijn vooruitstekende grove kaken, met het lage voorhoofd er nog zeer brutaal dierlijk uitziende, en nog slechts over weinige gearticuleerde klanken beschikkend, deed hij nog weinig zijn toekomstige grootte en ontwikkeling vermoeden. En toch zou hij, niettegenstaande zijn lichamelijke nietigheid overleven en dat wel door zijn geestelijk overwicht over alle oogenschijnlijk tot den strijd om het bestaan zooveel beter toegeruste dierengeslachten, die naast hem leefden.

Met lichaamskrachten door de natuur slechts stiefmoederlijk bedeeld, nam hij zijn verstand te hulp en bereikte hij door overleg en list, wat hij door ruwe kracht alleen niet vermocht. Waartoe te voren geen ander dier in staat

Sluiten