Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

München zou dan een temperatuur van 2.50 C. hebben, die nu voor den top van den Broeken als gemiddelde geldt; Weenen zou ongeveer ruilen met Christiania, Mailand met Warschau, Rome met Parijs.

De oorzaak van den ijstijd zou gevonden zijn, wanneer een factor kon worden aangewezen, die deze temperatuurvermindering van 50 C. verklaarde. Alle andere verschijnselen van "den ijstijd zijn dan slechts verschijnselen, die noodzakelijk volgen moesten, toen de sneeuwgrens in lagere

streken afdaalde.

Om nu deze temperatuurvermindering te verklaren, zijn verschillende hypothesen opgesteld, waarin wij ons hier echter niet zullen verdiepen, daar zij ons te ver van het eigenlijke onderwerp, dat wij in dit werk wenschen te behandelen, zouden afvoeren. Slechts één hypothese willen wij hier vermelden, omdat deze de eenige is, die verklaart, dat de ijstijden, die ook nog in vroegere perioden opgetreden zijn, zich gelijktijdig over de gansche aarde hebben doen gelden.

De oorzaken, die in onregelmatige tusschenperioden öf tot een algemeene daling óf tot een verhooging der luchttemperatuur hebben gevoerd, moeten in de meerdere of mindere vulkanische werkzaamheid over het aardoppervlak gezocht worden. Hier heeft ons de geniale zweedsche onderzoeker, Prof. Svante Arrhenius, den weg gewezen, die ons tot een eenigszins bevredigende oplossing van het schijnbaar zoo moeielijke en geheimzinnige raadsel in staat stelt. Hij heeft nl. het eerst langs experimenteelen weg aangetoond, dat vooral het afwisselende bedrag aan Icoolzuur in de atmosfeer de grootere of gerino-ere uitstraling der van de zon afkomstige warmte in de wereldruimte bepaalt. Hoe meer koolzuur de lucht bevat, des te meer warmte wordt op de aarde teruggehouden; hoe geringer het koolzuurgehalte der atmosfeer is, des te meer warmte wordt in de koude wereldruimte uitgestraald.

De atmosfeer verschaft, evenals de glazen bedekking vaiveen plantenkas, aan de verwarmende zonnestralen een betrekkelijk gemakkelijken doorgang, en slorpt gelijktijdig een sroot deel der door den bodem teruggeworpen don-

ö

Sluiten