is toegevoegd aan uw favorieten.

De mensch in den IJstijd in Europa en de ontwikkeling zijner beschaving tot aan het einde van den Steentijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK X.

Hedendaagsche steentydmenschen.

Terwijl talrijke vondsten ons aangaande de stoffelijke cultuur der vóórhistorische menschen hebben ingelicht, zijn wij, om hunne geestelijke cultuur te kunnen beoordeelen, aangewezen op hetgeen er bij hedendaagsche volken op gelijken cultuurtrap waar te nemen valt. L)aar de hersenen bij alle menschen op gelijke wijze georganiseerd zijn, zullen wij daar wij uit hetgeen zij doen, uit hetgeen zij voortbrengen, mogen besluiten tot hetgeen zij denken — bij gelijke cultuur voortbrengselen een gelijke geestelijke cultuur mogen aannemen. Daarom zal het nuttig zijn, aan het slot onzer beschouwingen den lezer op het leven van twee volkstammen opmerkzaam te maken, die nog tegenwoordig in den zuiveren steentijd leven, en die ons\et best niet de gedachtenwereld van zulke menschen op lagen ontwikkelingstrap bekend kunnen maken. Uit hunne geestelijke cultuur, hunne zeden en gebruiken kunnen wij ons een vrij zuiver beeld er van vormen, hoe het ongeveer bij onze eigen voorvaderen in den steentijd moet zijn toegegaan.

Het volk, waarmede wij ons in de eerste plaats zullen bezighouden, zal ons het leven der jagerstammen van den vroegen na-ijstijd voor oogen voeren. Wij bedoelen de Eskimo s, die zich tegen de koude van hun onherbergzaam land eveneens in dierenvellen hullen, en dezelfde langhoofden zijn, als de jagers van den Magdalénientijd. Ook zij zijn bekwaam in de vervaardiging van werktuigen en wapens uit steen, been of hoorn en uit het spaarzame hout, dat aan de kuiten hunner woonstreek door den golfstroom wordt aangevoerd. Ook zij snijden en teekenen voortreffelijk allerlei dieren en jachttafereelen, die hunne gedachten zoo geheel in beslag nemen, op dezelfde wijze

Reinhardt, De mensch in den ijstijd. . 2q