Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hand door de gloeiende kool of diens arm door het kookende water verbrandt. Als een woning instort of in het algemeen iets gebeurt, dat voor den Papoea onverklaarbaar is, komt het gansche dorp, de geheele familiegemeenschap in oproer, daar men de gebeurtenis aan de gramschap van een bizonder machtigen geest toeschrijft, die men door het brengen van grootere offers tracht te'verzoenen.

Tooverij en tegentooverij spelen bij alle handelingen in het dagelijksch leven een groote rol. De bovenbeschreven vischvangst door vergiftiging van het water kan bijv. eerst dan goed gelukken, wanneer allen, die aan het strand zijn achtergebleven, zich doodstil houden, geen woord spreken en hunne blikken uitsluitend op hunne kameraden in de booten gericht houden. Geen zwangere vrouw mag daarbij tegenwoordig zijn en naar het water kijken, anders verliest het aangewende verdoovingsmiddel dadelijk zijn kracht. Op deze wijze worden al hunne handelingen tot in de kleinste bizonderheden door het vaste geloof aan tooverij en tegentooverij beheerscht en hun gansche leven worden zij daardoor vervolgd door vrees voor beheksen en geestenspookerij.

Hoe het in het mannenhuis toegaat, waarvan wij reeds op blz. 441 en 442 gewaagden en waarbinnen de geesten den scepter zwaaien, daarover lezen wij in het reeds aangehaalde boek van Mr. H. A. Lorenz belangwekkende mededeelingen. Het mannenhuis of liever jonggezellenhuis is een soort tempel, die den naam karriwarri draagt, een naam, die niet verward moet worden met korwar, het afgodsbeeldje, waarvan wij zooeven verhaalden. Niet alleen de Kampong lobadi in de Jotè'fa-baai, waar door de in genoemd boek beschreven Nieuvv-Guinea-expeditie een dienst werd bijgewoond, doch ook andere dorpen in de omgeving hebben hun karriwarri.

Zulk een dienst wordt waargenomen door jongens die in den tempel moeten werken en slapen, zoolang' hun diensttijd duurt. Vrouwen mogen deze jongens niet zien, evenmin de voorwerpen, die zich in de karriwarri bevinden. De karriwarri heeft de gedaante van een groot sui-

Sluiten