is toegevoegd aan uw favorieten.

De paddenstoelen van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te vinden, in tuinen, op beschaduwde plekken in bosschen, gedurende zomer en herfst.

3. P. gyroflexa (Fr.) afgeleid van gyrus of cirkel en flectore of buigen, n. a. van den gebogen steel.

De hoed is vliezig, kegel-klokvormig, dan halfrond, gestreept, bleek grijs alsof hij met een meelachtig poeder bedekt is, later roestkleurig, 1 cM. breed ongeveer.

De steel is wit, gelijk, glimmend, pijpachtig, breekbaar, bochtig, harig aan den voet, 3 a 5 cM. lang.

De plaatjes zijn talrijk, aangehecht, slap, wit, dan grijs purperachtig.

In vochtige gazons, op de wortels van boomen, rottende boomstronken, beschaduwde plekken in bosschen, in troepen, overal van October tot November te vinden.

4. P. spadiceo-grisea (Schaeff.)

De hoed is bijna vliezig, bol, dan kegelklokvormig en uitgespreid, een weinig bul- ^ tig, onbehaard, tot in het midden gestreept, kastanjebruin, dan grijs-geelachtig niet bruine streepen, donkerder en glimmend aan den top, 4 a 5 cM. breed.

De steel is pijpachtig, cijlindrisch, stevig, bovenaan dunner, gestreept aan den top, 5 a 6 cM. lang.

De plaatjes zijn aangehecht, smal, smaller

achteraan, vuil geelachtig, dan grijsachtig- |,jath.vr»^pad"-eobruin en bruin.

Aan den voet van boomen, op beschaduwde plekken in bosschen, eenzaam of in groote troepen voorkomend.

5. P. obtusata (Fr.)

De hoed is bijna vliezig, klokvormig, dan uitgespreid, stomp, onbehaard, niet gestreept, grijs-bruinachtig, bleeker aan den rand, glimmend op ouderen leeftijd, 2 cM. breed.

De steel is stijf, gelijk, glad, bleek, krom aan den voet,