Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 15. Het vermenigvuldigen.

Het gebeurt soms, dat een meer of minder lange rij van gelijke getallen moet worden opgeteld. Een aannemer wil b.v. berekenen, hoeveel geld hij aan f,2 werklieden moet uitbetalen, als elk hunner f 16.50 heeft verdiend. Dan kan hij 52 keer het getal ƒ 16.50 onder elkander schrijven, en optellen. Dat kan, zeggen we, maar indien eens niet 52, maar 3^59 gelijke getallen moesten opgeteld worden, wat ook voor kan komen, dan is het beslist noodzakelijk uit te zien naar een wijze van berekening, die kórter is dan de gewone optelling. Nu is het inderdaad mogelijk de som van elke willekeurige lange rij van gelijke getallen op een zeer korte wijze te berekenen, en die bewerking heet: vermenigvuldigen. 't Vermenigvuldigen komt in 't practische leven zèèr veel voor, en in rekenboeken moet in elk vraagstuk bijna een of meer malen deze bewerking gebeuren. Men ga maar eens na :

Alle ponden zout kosten evenveel; de prijs van 168 pond berekent men dus door middel van een vermenigvuldiging. Zoo ook: elke voet hout, elke meter stof, elke kip, elke honderd eieren, elk mud koren, elk pond vleesch, elke liniaal, elke gros pennen, en de prijs, die voor een zeker aantal van deze hoeveelheden betaald moet worden, vindt men óf door een lange optelling. óf door een vermenigvuldiging. Men begrijpe 't echter goed: Als men vraagt naar den prijs van 23 H.L. koren, dan wordt ondersteld dat elk mud evenveel kost; ander koren kan natuurlijk wel meer

of minder kosten.

't Vermenigvuldigen is een bewerking, die op eenvoudige wijze de som leert vinden van een willekeurig aantal gelijke getallen. Men lette vooral op de laatste woorden: gelijke getallen.

§ 16. Drie namen.

Evenals we in de aftrekking spreken van aftrektal en aftrekker, hebben we thans een vermenigvuldigtal en een vermenigvuldiger. Wat dat is ? Het laatste noemt het aantal gelijke getallen,

Sluiten