is toegevoegd aan uw favorieten.

De Sint Franciscus Xaveriuskerk of, De Krijtberg te Amsterdam, 1654-1904

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maerten Goorn en Gertrudis Jane, den 4den October 1588 te Hoorn geboren en den 5,|en October 1609 te Antwerpen in de Societeit van Jezus getreden, kwam ten jare 1624 te Amsterdam. Zijn verblijf in de Amstelstad was te kortstondig van duur om veel merkwaardigs op te leveren. Reeds in Maart van 't volgend jaar werd hij naar Gouda verplaatst, vervolgens naar Alkmaar en later naar zijn geboorteplaats Hoorn, waar hij waarschijnlijk jufvrouw Oatharina van den Vondel, Justus' jongere zuster en even „zoet op poezy", in den schoot der R. K. Kerk opnam. Hij kreeg te Amsterdam tot opvolger Joan. Paludanus (van den Broeck), een Gravenaar, zoon van Jacobus en Aleida van Kessel. In zijn akte van toelating als door de regeering erkende dienstdoende priester te Amsterdam luidt het, 4 April 1626, als volgt: „Mr. Jan Jacobsz van den Broek .. . gelogeert op de Coningsgraft ten huyse van .Jan Jansz, heeft op huyden (alsoo 't midts sijn uytlandigheyt niet eerder heeft konnen geschieden) door Michiel Jacobsz schipper, zijnen name aengegeven". Ofschoon de door schipper Michiel Jacobs aldus aangediende menigwerf in de akten der missie genoemd wordt, verwijlde hij slechts korten tijd te Amsterdam. Want, reeds in 1628 vertrok hij naar Harderwijk, waar hij, na de dorpen der Veluwe in alle richtingen als missionaris doorkruist te hebben, den 24sten October 1639 overleed in de door hem aldaar opgerichte statie.

Deze eerste vaste zendelingen bezaten noch een vaste woning noch een vast bedehuis, en schaarsch zijn de berichten over hunne werkzaamheid te Amsterdam. Zij hadden al moeite genoeg om in den bangen strijd des levens de bovenhand te houden. Hun medezendeling en ordebroeder Augustinus van Teylingen noemde zich Peregrinus Amstelius: ook zij mochten wel heeten zwervelingen of vreemde pelgrims in de Amstelstad.

1) Bijdragen voor 't Haart. bisd. XVIII 55.