Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eene eerste alinea van een nieuw art. 194, dat zonder discussie of hoofdelijke stemming kan worden aangenomen. Dat is nog niet veel, maar het geeft moed, om te onderzoeken, of er wellicht meer is.

„liet onderwijn is vrij", luidt de 2e alinea der rechterzijde. Het ouderwijs is niet vrij, moeten wij antwoorden, want de Staat zal aan de onderwijzers eischen van bekwaamheid en zedelijkheid stellen, en minstens bij wijze van politiemaatregel, de lokalen waarin het onderwijs gegeven wordt, aan zekere voorwaarden onderwerpen. De bepaling komt wel in onze tegenwoordige Grondwet voor, maar beteekent daarin alleen: het onderwijs is geen monopolie van den Staat. En daar dit uit volgende alinea's voldoende zal kunnen blijken, kan de tegenpartij moeielijk bezwaar maken tegen het voorstel om deze niets zeggende formule te laten vervallen, tenzij ....

Ja, tenzij de 3e alinea onzer tegenstanders:

„ Wat het lager onderwijs betreft, worden het toezicht der Regeering en de eischen van bekwaamheid en zedelijkheid der onderwijzers geregeld bij de Wel",

beteekenen kunne, dat de gewone wetgever ook zal mogen bepalen: aan de bijzondere onderwijzers zullen geene of mindere eischen van bekwaamheid gesteld, aan de bijzondere scholen zal geenerlei toezicht opgelegd worden. Inderdaad, voor eene dergelijke achterdocht moet verschooning gevraagd worden; maar toch zij is te verontschuldigen, als men bedenkt, dat dr. Schaepmau bij herhaling de overbodigheid van staatsexamens voor het bijzonder onderwijs heeft verkondigd, maar dat de Vereeniging van R K. Bijzondere Hoofdonderwijzers in het bisdom Haarlem het noodig vond, in hare vergadering van 20 December 1884 met 37 stemmen tegen 1 te verklaren :

Sluiten