is toegevoegd aan uw favorieten.

Verspreide opstellen van C. H. den Hertog

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgelingen van Marx de eerste primair, en men kan ook toegeven, dat de menschheid eerst voor eten en drinken, kleeding en woning heeft moeten zorgen, eer zij zich met wetenschap en kunst, moraal en religie kon bezighouden. Maar daarmede is niet uitgemaakt, dat deze factoren immer in een staat van volslagen afhankelijkheid zouden zijn blijven verkeeren. En de historie zoowel als de ervaringen van het heden leveren materiaal in overvloed op, ten bewijze, dat deze ideologische factoren — voorzoover er in het wereldleven van zelfstandigheid sprake kan zijn — zelfstandige machten zijn geworden, die in menig opzicht ook weer de stoffelijke factoren beheerschen. Waar eenmaal die wisselwerking erkend wordt, is het practisch alleen van belang, dat beide categorieën hare verdedigers en verzorgers vinden. Ook hier is verdeeling van arbeid noodig, en is het allernatuurlijkst, dat schoolopvoeders, zonder zich voor de eerste categorie onverschillig te betoonen. ja baar verdedigers alle succes toewenschende, zich toch in de eerste plaats geroepen voelen, het voor de tweede groep factoren op te nemen. Vooral waar de gewone menschelijke eenzijdigheid er of in het algemeen met geringschatting op neerziet, of voor slechts enkele daarvan bare waardeering over heeft.

Van deze ideologische factoren: wetenschap, kunst, moraal en religie, is de opvoeding, die aan elk der drie rubrieken hare elementen ontleent, de voorloopster en wegbereidster. En we mogen, meen ik, constateeren dat de stelling geen tegenspraak meer vindt: de opvoeding, deels gezins-, deels schoolopvoeding, behoort, wat het laatste gedeelte betreft, een voorwerp van gemeensehapszorg te zijn.

Ik herhaal, deze stelling vindt, geen ernstige tegenspraak meer. De tijd van de forsche leer: „de Staat kan noch mag schoolmeesteren", is voorbij, sinds de beide staatspar-