Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

na de schooljaren, die voor de minstbedeelden toch al veel te vroeg afloopen. Waartoe kinderen zich aangetrokken voelen, is, gelijk de heer Van der Zwaag in de Tweede Kamer met veel juistheid opmerkte, niet de arbeid, maar knutselarbeid. Heeft men er de kosten voor over, dan ligt het niet buiten het terrein der schoolopvoeding, zich daarmede in te laten, en te trachten bij die knutselzuclit het aangename met het nuttige te vereenigen. Maar overigens ligt de zorg voor de vakopleiding der leerlingen, buiten de grenzen van het lager onderwijs. Voor die vakopleiding moet beter dan tot dusver gezorgd worden, door ambachts-, industrie-, landbouw- en huishoudonderwijs, deels door scholen of lessen, deels door een goed-georganiseerd leerlingstelsel. Maar het tegenwoordige lager onderwijs aan den „handenarbeid voor knapen" ondergeschikt te willen maken en het zoo uiteen te rukken en te bederven, moet evenzeer gequalificeerd worden, als een toeleg om het te verlagen tot „armeluis-ondertvijs".

IV.

Ik geloof hiermede de beleelcenis der openbare school, als instituut van volksopvoeding voor zoover dit in een kort tijdsbestek geschieden kan, voldoende in het licht gesteld te hebben.

Met de verdachtmaking, waaraan zij gewoonlijk bloot staat, heb ik mij niet opgehouden. Een Arabisch spreekwoord zegt: werp geen steenen, naar de honden, die u aanblaffen. Polemiek is in den regel noodeloos oponthoud. Alleen wensch ik even de aandacht te vestigen op een onderdeel in de gedachtenwisseling tusschen Dr. Kuyper en den Minister van Binnenlandsche Zaken, n.1. waar de eerste de ethiek der lagere school in verdenking zocht te brengen. Door zijne

Sluiten