Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NOG EEN GESCHILPUNT. l)

Een pleit voor natuurkennis.

Er is een tijd geweest, dat de verhouding tusschen de onderwijzers bij het lager en middelbaar onderwijs van weinig vriendelijken aard was. Niemand zal zich daarover evenwel buitengemeen verwonderd hebben, 't ls nu eenmaal niet anders, dan dat het vrij wat tijd kost, eer nieuwe denkbeelden en nieuwe toestanden een gastvrij onderkomen vinden, vooral bij hen, die daarbij verdiend of onverdiend, in het gedrang geraken. Bovendien is er altijd een rij van ongeloovigen, die de zegepraal van 't nieuwe trachten te verhaasten door bespottelijke geringschatting van 't bestaande. En zoo riep de komst van 't middelbaar onderwijs van weerszijden een aantal strijders in 't perk, die in 't openbaar of in 't geniep, al naarmate de gelegenheid toeliet, op elkaar inhieuwen of elkaar speldeprikken toedienden, voor de liefhebbers misschien een zeer vermakelijk, overigens echter een weinig stichtelijk schouwspel. Onderwijzers, wier nietigheid door het toelatings-examen hunner scholieren in alle naaktheid uitkwam, en leeraars, die door hun leerlingen schrikbarend oneerbiedig behandeld werden, deden opgeld, en mocht men de kampvechters gelooven, dan was bij het lager onderwijs alleen de paedagogiek, bij het middelbaar alleen de kennis te vinden.

Of deze dingen geheel tot de geschiedenis behooren, is moeilijk uit te maken, zeker is liet, dat het aantal strijdig Nieuwe Bijdragen. 1877.

12

Sluiten