is toegevoegd aan uw favorieten.

Verspreide opstellen van C. H. den Hertog

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minste een verkeer is ontstaan, waarbij slechte manieren wederkeerig tot de zeldzaamheden behooren ; dat ingezien wordt, hoe de krullebol, die nog te nauwernood zijn boezelaar is ontgroeid, en de adspirant-loteling, die reeds begeeng uitkijkt naar 't eerste dons, niet best samen dezelfde schooldeur kunnen binnengaan; dat de wereldberoerende aausluitingskwestie, ofschoon nog niet volkomen in 't reine, toch door de praktijk tot bescheidener omvang is gebracht; dat de meerderheid begrijpt, hoe de welgeregelde verdeeling van den arbeid ieders taak lichter maakt, en dat het zeker itts meer dan een vrome wensch mag heeten, dat de Vereeniging van Leeraren en het Onderwijzers-genootschap eenmaal, zoo niet samensmelten, dan toch nauwere betrekkingen zullen aanknoopen, of, zoo men wil, dat daarbuiten ten minste kringen zullen ontstaan, waar de kleinigheden, die het goede dikwijls tegenhouden, op een gemakkelijke wijze kunnen worden uit den weg geruimd, en waar over de middelen, om elkaar in de hand te werken, kan worden gesproken, zonder dat er onmiddellijk van overheersching of onrechtmatigen invloed sprake behoeft te zijn.

Als ik dan ook niet de gelegenheid had gezocht om dien wensch terloops uit te spreken en enkele zaken eens bij haar naam te noemen, dan had ik zeker deze lange inleiding niet noodig gehad, om te doen uitkomen, dat waar ik een der overgebleven geschilpunten in het licht wil stellen, mijn bedoeling daarmede alleen is, een poging te doen, om het uit den weg te ruimen. Daarom ter zake.

Een der voornaamste redenen van den stillen weerzin veler lagere onderwijzers tegen het middelbaar onderwijs, was en is misschien nog gelegen in de vrees voor een onbehoorlijken invloed van het toelatings-examen op den gang der zaken in de lagere school. Onwillekeurig heeft een