Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kingen en citaten over rekenonderwijs voor. De schr. geeft daar o. a. ook een lijstje van onderwerpen, die geen geschikte leerstof voor de lagere school kunnen geacht worden : samengestelde breuken, kettingbreuken, worteltrekking, het bepalen van den ggd. door deeling, het kl. gera. veelvoud van breuken, evenredigheden en kettingregel. Met die opgave kan ik mij zeer goed vereenigen; over de worteltrekking moge men zich, met het oog op de eischen der praktijk, nog eens bedenken, 't is ontegenzeggelijk waar, dat men met leerlingen van den leeftijd, waarover de lagere school te beschikken heeft, genoemde onderwerpen niet op degelijke wijze behandelen kan. 't Is dan ook niet noodig. Als de middelbare scholen met 3jarigen cursus wat meer algemeen zullen worden, zal ook bij de meerderheid der ouders het denkbeeld wel veld winnen, dat zij het onderwijs der kinderen, met dat wat de lagere school geeft, niet mogen laten afloopen. En wat die groote gröep van leerlingen betreft, voor wie het lager onderwijs eindonderwijs blijft, zij zullen zeker niet veel missen, als de vermelde zaken hun onthouden worden.

Een 7e stukje van bet rekenboek geeft eindelijk nog een verzameling van doelmatige opgaven, ten einde de leerlingen met de voornaamste zaken uit de intrest-, winst en verliesen gezelschapsrekening bekend te maken. Met zorg zijn deze voorstellen gekozen: ze zijn aan de praktijk ontleend en ontaarden niet, gelijk vaak gebeurt, in rekenkunstige raadsels met allerlei combinatiën en verwikkelingen, die in 't werkelijke leven nooit voorkomen. De spoorwegvraagstukken, die de schrijver naar aanleiding van de opmerking van dr. Mulder in de Schoolbode van '71, heeft toegevoegd, hadden wel wat talrijker kunnen zijn en ook reeds vroeger kunnen te pas gebracht worden. Ook de enkele voorstellen,

Sluiten