Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daarover vindt men bij niemand minder dan Wundt in het hoofdstuk: Die Anwendungen der Psychologie uit het tweede deel zijner Logik. Hij erkent de behoefte aan psychologische analyse en psychologisch nadenken voor historici, politici, juristen en paedagogen: „man muss die Menschen kennen, wenn man sie lenken will". Maar het is eene „praktische Psychologie", waaraan de genoemde categorieën behoefte hebben. Behalve menschen- en kinderkennis hebben deze leiders echter ook eene „Ueberlegenheit des Wollens" noodig, die van den uitsluitenden beoefenaar der wetenschap niet gevorderd wordt. Daarom, zegt Wundt. zijn de eigenschappen, die voor de psychologische praktijk, b.v. in een opvoeder of een staatsman gevorderd worden, heel andere, dan die waardoor de geleerde op het gebied van een of andere geestelijke wetenschap zich onderscheiden moet. De uiterst voorzichtige overwegingen, die den laatste passen, zouden allicht den eerste in zijne energie en de tijdige toepassing zijner maatregelen belemmeren, terwijl omgekeerd de neiging om in te grijpen weinig bevorderlijk geacht moet worden voor eene objectieve theoretische beschouwing der verschijnselen. Zoo rijst dan bij Wundt de vraag, „in welcliem Verhaltnisse diese „fiir Leben uud Wissenschaft gleich unentbehrlichc praktische „Psychologie zu den Forschungen und Ergeb nissen derwissen„schaftlichen Psychologie steht", en verzet hij zich met klem tegen de bewering, dat de Paedagogie „angewandte Psychologie" zou zijn. Volgens hem heeft deze kunst veel meer aan de practische ervaring dan aan de wetenschappelijke psychologie te danken 1), en in zijn ijver beweert hij zelfs,

1) „Das beweist", zegt hij, „vor allem die Piidagogik der Herbart'schen Schule, die, von einigen spateren, unwirksam gebliebsnen Versuclien Herbarts selbst abgesehen, im grossen und ganzen der WolfFschen Vermögenstheorie verwandter ist als Herbarts eigener Mechanik der Vorstel-

Sluiten