Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

: .„,u!"eUtC ■•**? 0DS .heilig" gezelschap onder ons „heiligen" ingeleid, zagen wij, dat zij jong en meer dan van gawone lenrte

Jj kon..men. zien' dat "j van Kanada was. Kort daarop ontdekte ik, dat *ij mijn landgenoote was; ik hoorde ev«n weinig van hare geschiedenis. Haar nonnennaam was St. Martina.

wÜT g van de lnves,ituur zag zij er melancholisch uit. Dit

was echter doorgaans het geval met haar. Ik en de anderen maakten

r ;PVdal "l :r0e*? of later zich z8er ongelukkig moest hebben gevoeld. 1 oen het tijd was om naar bed te gaan, ging zij met ons mee. Haar werd een bed aangewezen in mijn nabijheid. Reeds lagen wij allen, er heerschte een diepe stilte en ik wilde, na het gewone gebed, mij te slapen leggen, toen op eens onze nieuwe zuster een cillenden en hartverscheurenden kreet ui stiet. Alle nonnen, alsof zij door ,",Zie ,n sc^ok. *aren getroffen, sprongen op; want niet één, of zulk een angstgeschrei, bij zulk een stilte, moest haar treffen en met schrik vervuilen. Kr ontstond een algemeen alarm, velen spraken te gelijkmen hoorde uitroepingen van verbazing, van deelneming en van vrees.' Tevergeefs zocht de nachtwaakster het rumoer te sti.len. Wij vergaten regel en boete, gaven slechts lucht aan ons gevoel, en er zat niets anders op, dan dat de abdis geroepen werd. Ik hoorde dat mannenstemmen zich in het gesprek der nonnen mengden. Ik meende pater Quibher uit het seminarie te herkennen. Later zeiden mij eenige nonnen dat ik het hoorde, dat zij de nieuwe zuster bedreigden met den bal. „Gij zijt met beter dan de anderen", zeide zij, „en als gij u niet osder.verpt, zal ik u laten opsluiten."

™?edKr-nde, mijn verbHj/ in het klo°ster werd daar een jong meisje, onder bijzondere omstandigheden, opgenomen. Ik ben met de geheele zaak nauwkeurig bekend, want ik speelde er mijne rol in.

novices namelijk was een meisje van bijna achttien jaren, dochter van een ouden rijken inwoner van Kanada. Zij had niets in

™ en°P anderen vooruit- Alleenlijk was zij uiterst bescheiden vriendelijk van inborst. De abdis verlangde hartel'-'k, dat zij als non mocht worden opgenomen en sprak daarover met ons, ofschoon net meisje zelf zich daarover geen woord liet ontvallen. Waarom de

Sof - w200 °P. stJond' kon ik moeilijk raden ; of het moest wezen, dat zij het oog had op het goud van den ouden heer. Op zekeren dag zeide zij ons: „Wij willen haar met een list vangen : wij zullen ^ "an. e,f„°"'len ™an zegSen> da* «j uit vroomheid den „sluier" £ . ee Er werd een plan gesmeed. Het argelooze meisje moest worden overgehaald om, voor de grap, de kleederen aan te trekken en al <le ceremoniën te vervullen, die bij het aannemen van den sluier gedragen werden en plaats hadden. Zij deed het. Maar aoodra alles *,aSo) a ge;°jPej' z®!de ™en haar dat haar investituur werkelijk had p aats gehad, dat zij nu inderdaad non was, de wereld moest vaarwel

Sluiten