is toegevoegd aan uw favorieten.

Maria Monk, de zwarte non

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onze handen tot poeder fijn wrijven. Ook werden ons wel eens om het lijf, of stijf om den bovenarm, riemen vastgemaakt, rondom met ijzeren pinnen bezet, waardoor dan het bloed ons uitkwam. Eenige boeten waren zoo wreed, dat het onmogelijk scheen die te dragen, en als zij opgelegd werden, toonden dan ook wel eens de nonnen haren tegenzin; ja, zij boden wel eens tegenstand of schreiden overluid, wat meermalen gebeurde. Veel geschreeuw hoorde men echter niet dikwijls. Het middel daartegen, de bal, was altoos bij de hand. Een der wreedste straffen was de kap; en toch durfden eenige oude nonnen haar zoo gemakkelijk opleggen. Esn klein en niets beduidend vergrijp werd er soms, op haren last, mede bebo«t.

Deze kappen warden, in de kamer der oude nonnen, in een daarvoor bestemde kast bewaard. Ze waren van rood leder, sloten dicht om het hoofd en werden van onderen met een soort van gesp vastgemaakt. Meestal bond rceu een non de handen op den rug en stak haar een bal in den mond, vóór dit men haar de kap opzette. O 1 zij veroorzaakt zulk een smartelijk lijden. Ik spreek uit ervaring, want meer dan eens heb ik de kap op gehad; en toch heb ik geen begrip van de ware oorzaak der pijn, want ik heb ze nooit van binnen kunnen bezien. Eerst veroorzaakte zij slechts een verkoelend gevoel, daarop volgde echter dadelijk een gloeiende smart, als die van een brandende zweer, maar nog ondragelijker en dat duurde — tot dat aij werd afgenomen. Die marteling was zoo verschrikkelijk, dat