Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dilettant: beoefenaar der muziek, zonder aanspraak te

maken op den naam van toonkunstenaar. Dim. (diminuendo) verminderend in kracht.

Discant: hooge stem, voor vrouwen of kinderen.

Divoto: vroom.

Dolce: liefelijk.

Doloroso: treurig, smartelijk.

Due (deux): twee.

A due: met z'n tweeën of tweestemmig.

Dynamiek: leer der toonsterkte of schakeering.

E: en.

Piano e dolce: zacht en liefelijk.

Elegie: klaag- of treurzang.

Energico: met kracht en nadruk.

Eroico: heldhaftig.

Espr. (espressivo, ook expressivo): met gevoel, met uitdrukking. Ex abrupto: oogenblikkelijk.

Ex tempore: voor de vuist.

F (forte): sterk. In samenstelling:

m. f. (mezzo-forte): half sterk.

p.f. (piano-forte): eerst zwak, dan sterk, f.f. (fortissimo): zeer sterk.

Falset (ook fausset): bij de mannenstem wat hoofdstem

bij de vrouwenstem is.

Fandango: Spaansche volksdans.

Fanfare-korps: muziekkorps dat enkel koperen blaasinstrumenten bespeelt.

Fermata: rustpunt /rs ook point d'orgue genoemd. Finale: slotgedeelte van een muziekstuk dat uit meer deelen bestaat.

Fiorituren: muzikale of melodische versieringen (zie hst. XVIII).

Fuga: muziekstuk waarin een thema of phrase afwisselend door verschillende stemmen op verschillende toonhoogte van der laan , Oii« toonxteteel. ' '

Sluiten