Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Parijsche tentoonstelling van 1867 werd op het Champ de Mars gehouden. Geen van hare gebouwen is overgebleven. De tentoonstelling van 1878 werd eveneens op het Champ de Mars gehouden, doch nu met bijvoeging van den tegenover gelegen oever. Het paleis en de tuin van het Trocadéro dagteekenen van die tentoonstelling. De tentoonstelling van 1889 nam naast het Trocadéro en het Champ de Mars ook nog het plein der Invalieden, en den tusschen deze beide plaatsen gelegen linker Seine-oever in beslag. De Eiffeltoren en Machinengalerij zijn van de gebouwen van 1889 nog overgebleven.

De tegenwoordige tentoonstelling omvat, behalve hot geheele terrein van die van 1889, ook nog den rechter Seineoever en de linkerhelft der Champs Elysées. Zij heeft bovendien een aanhangsel in de tentoonstellingsterreinen van het Vineennerbosch. Het Groote en het Kleine Paleis in de Champs Elysées en de brug Alexander III zijn de bouwwerken dezer tentoonstelling bestemd om er van te getuigen, als de schoone wonderstad met hare tallooze paleizen, die haar thans vormen, weder in het niet verzonken zullen zijn.

Een weinigje statistiek nog:

Bij de tentoonstelling van 1855 was het bebouwde oppervlak 12 H.A., het aantal inzenders 23,839, het aantal bezoekers 5,162,330, en werd aan entreegeld ontvangen frs. 3,220,000.

In 1867 waren deze cijfers: 16,60 H.A., 50,226 inzenders, 8,805,960 bezoekers en frs. 10,518,375 ontvangsten.

In 1878: 28 H.A., 40,366 inzenders, 16,103,275 bezoekers, en ontvangsten frs. 12,658,250.

In 1889: 29 H.A., 55,486 inzenders, 28.149,353 bezoekers en frs. 41,500,000 ontvangsten.

Van de tegenwoordige tentoonstelling is het natuurlijk onmogelijk reeds thans de cijfers op te geven. Alleen kan

Sluiten