Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van gezag, de Kruissprook vooral, de inleiding tot de Ideën, de toespraak tot Duymaer van Twist: Ik roep u op Albertus Jacobus enz., de aanspraak tot de hoofden van Lebak, kenden we allen van buiten, wij meisjes en jongens. Al wie tegen Multatuli fulmineerden, lieten we uitrazen met minachting — wij vergoodden hem en konden niets onreins van hem gelooven. Of die invloed nu nadeelig werkt of niet, beslis ik ik niet, maar dat die invloed zedeloosheid in de hand heeft gewerkt, spreek ik tegen. Wie ik toen gekend heb, die met mij Multatuli vereerden , waren allen diep doordrongen van hoogen ernst en wat er voor vaags en rommeligs had gegolden voor godsdienst in ons, werd weggevaagd als met één keer en ons geloof in hem verving den verdwenen godsdienst en was voor ons oprecht gemeende en diep gevoelde religie. Inderdaad zagen wij hem als „martelaar" en achter hem, wat verder, maar in dezelfde lijn, den martelaar van Golgotha, Jezus Christus. Als discipelen van dezen jongeren Meester verwachtten wij spoedig het Godsgericht van den jongsten dag.

Sluiten