Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in zijne oogen was de Havelaar uit zijn boek toch precies dezelfde man als Douwes Dekker — en inderdaad was dit ook zoo voor wie gelezen hadden, dus voor weinigen — maar voor verreweg de groote meerderheid was dit niet zoo. Ons volk kan niet lezen, Multatuli zelfheeft het later herhaaldelijk en krachtig betoogd. Het „Gebed van den Onwetende" vooral had zijne vijanden met een aanzienlijk getal vermeerderd.—

Later is er nog meermalen sprake geweest van eene „Nationale Inschrijving." — In het begin van Juli '66 o. a. — toen Dekker naar Duitschland gevlucht was en Tine zich tijdelijk in Amsterdam bevond, vóór hare vlucht naar Milaan. De heeren J. van Vloten, Kallenberg van den Bosch, van der Valk en Busken Huet trachtten toen een jaargeld voor Tine en de kinderen bijeen te krijgen, doch daar kwam niets van door haar vertrek.

Over latere pogingen spreken we nu niet. De allerlaatste slaagde gedeeltelijk: er kwam tusschen f 25000 en ƒ 30000 bijeen, waarvoor eene lijfrente werd gekocht voor Multatuli en eene voor zijne weduwe — maar die weduwe was Tine niet. Zij was toen ter ziele.

Sluiten