is toegevoegd aan uw favorieten.

Eduard Douwes Dekker

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mimi van Keulen naar Homburg gegaan, om te spelen. Ze verloren alles. Eindelijk waren ze te Coblenz en bleven daar, omdat ze niet weg konden. Dekker verdiende wat aan de Haarlemmer Courant en schreef wat feuilletons en „Een en ander over Pruisen en Nederland' — maar het bleef armoe. Eindelijk verhuisden ze weer naar Keulen — en daar was het hetzelfde. Hij vond geene rust. Geene periode in zijn leven is zoo treurig als deze: zijne angst over Tine liet hem geene rust. En toen Tine eindelijk ziek werd en zij hem schreef, dat ze gerust was in zooverre hij Mimi had, die haar bij hem vervangen kon, grensde zijne gejaagdheid en onrust aan krankzinnigheid. — In November '67 komt hij in correspondentie met Rochussen- In grooten nood had hij dien geschreven. Rochussen aanvaardde Dekkers steun voor het Ministerie van Zuylen en wist gratie voor hem te verkrijgen. Hij belooft iets voor hem te zullen doen en houdt ook zoo goed mogelijk woord.

Dit alles kan men lezen in Brieven, Multatuli — Huet, 2dc deel. En als men dan aandachtig en langzaam den angst en de ellende heeft medegeleden en zijne nooit aflatende wroeging heeft