Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Men hield hem wat aan de praat en hij besefte, alweer te laat, dat men hem „beet nam". Opzettelijk misleiden was hem vreemd.

En eindelijk ging hij naar Europa, we zagen het reeds. Hij deed er eigenlijk niets voor zijne zaak, dan in Januari '58 den briefschrijven aan den „Gouverneur-Generaal in ruste". Hij was toen nog altijd van meening, dat van Twist niet wist, welk een onrecht hem gedaan was. Wie dien brief aandachtig leest, zal weldra beseffen, dat Dekker geloofde edel gehandeld te hebben en vast rekende op steun van van Twist, uit liefde voor zijne eigen ideel'n. De zaak anders inzien, dan hij deed, was hem onmogelijk; dan moest hij de allerbanaalste motieven veronderstellen. Hein was onrecht aangedaan — de arme bevolking moest niet meer gekneveld worden, omdat hij, Multatuli, haar hulp had toegezegd. Dit is verre van onedel, alles behalve, maar het is niet, wat we onder zelfopoffering en zelfverloochening verstaan.

Die brief aan van Twist is volkomen waar, mits men goed leze en ontlede. Die brief had een gunstig antwoord verdiend, en ware van

Sluiten