Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Boeddhistisch — ofschoon het mij niet bleek, dat hij ooit eenige studie gemaakt had van de geschriften der oude Hindoes.

Hij kan zich ook niet voorstellen, dat eenige vrouw hem ontrouw worden zou — ontrouw, dat is: voor zich zelve iets begeeren, wat niet hem op eenigerlei wijze ten bate komt; sterven voor hem, ik zei het reeds, dat acht hij mogelijk, dat offer zou hij ook hebben aangenomen, volkomen te goeder trouw, geloovend in zich zeiven als in het Goede, tegenover het Kwade: de andere menschen.

Hervormer kon Multatuli in dit opzicht niet zijn: daarvoor is hij te vaag, daarvoor oordeelt hij te zeer naar eigen behoefte. —

Trouwens, als het er op aan kwam, werd hij zelf huiverig voor de practijk van zijn eigen theorie. Een bewijs daarvoor vinden we o.a. óók in den brief aan mevrouw Pruimers. De lezer moet dien brief, waar de 2de bundel Ideën mee begint, eens even ter hand nemen en herlezen. Als gij dan bedenkt, dat die brief heel in het begin van October '63 geschreven is — toen de historie met Sietske pas doorleefd was en die met Mimi in vollen gang, zult gij

Sluiten