Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik denk zeer veel aan den dood, en wat

de zaak zelf betreft — zonder afkeer!"

Hij was niet bang voor den dood, al was zijn geloof in die stormige 32 jaren ook weggewaaid; hij zag alleen maar tegen het scheiden op.

I)ie cursieve woorden klinken vreemd, toch is het waar, wat ik zeg. Hij hield zooveel van het leven, omdat hij zooveel hield van de menschen. Dit klinkt misschien nog gekker - en toch, ook dit is waar. Zijn sarcasme is eene uiting zijner liefde.

Indien alle menschen nu maar zóó tot hem gesproken hadden: wij hebben u lief, wij vereeren u, wij gelooven in uwe goedheid, in uwe goede bedoelingen, wij erkennen 11 als onzen meerdere, al het onze is het uwe, neem er van en geniet — onze dochters wijden we tot uwe priesteressen! dan zou de strijd vermeden zijn. Maar zoo is het niet geweest. Hij moest strijden tegen allen soms, tegen heel velen altijd, alles, zijn doen en laten, werd hem betwist.

Hij gevoelde zich Koning en had wel in een hutje op de hei willen wonen, indien men hem maar als Vorst erkend had; maar het moderne Jeruzalem heeft niet gewild en het heeft ook

Sluiten