Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan dan de voedster en bewaakster van zijne kinderen. Ze klaagt. En hij antwoordt: „En je bent geheel in de war. Net als het publiek begrijp Je wat het is. Welnu, ik denk

vandaag of morgen het derde vel te krijgen van de drukkerij, daaruit zal je zien dat je ongelijk hebt 't Is jammer dat je daar zoo op eens weer tusschen in valt met zoo'n gewoon ordinaire aandoening. Foei! Heb ik d^t aan je verdiend. Is dat nu een reuzenkind? Fancy is Fan t ais ie."

Dat reuzenkind slaat op de inleiding tot de Minnebrieven , waar Dekker o.a. zegt: ,,Ik plant m'n denkbeelden in haar gemoed , en als dan t oogenblik der voldragenheid gekomen is, dan legt ze mij het reuzenkind in de armen ..."

„Jij ook, je begrijpt mijn fancy niet! Dat zal je zien. Vóór je verdrietigen brief heb ik geschreven dat enz., in 't kort zóó dat je nooit zou geklaagd hebben als je 't gelezen had. Je zult zien lieve engel, da.t ik je liefheb."

't Zal Tine zeer gedaan hebben, dat ze dat zien moest uit een boek ; 't is gewoonlijk aangenamer het te ervaren in het practische leven. Maar dat boek heeft Tine zeker niet over-

Sluiten