Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inspiratie, zijne verbeelding, zijne Muze," vervolgt Vosmaer; - pardon, ze zijn eene uiting van onbevredigde geslachtsdrift en eene poging Sietske tot moed te forceeren en Tine tot berusting te paaien; ,,de botsing van het ideaal en de werkelijkheid," heet het verder; — pardon, de werkelijkheid was in hoofdzaak heel anders, 'dan Multatuli ze deed voorkomen, en het ideaal . . . nu ja >' nde worsteling van het genie dat vorm wil

geven aan de wolkgestalte der Fancy," die

wolkgestalte is de zeer tastbare Sietske, haast ten voeten uit geteekend, met de „bovenlip" incluis, hare woning, hare omgeving, hare studie, enz. enz.; „de door Plato geschilderde eenheid van Eroos en Poëzie;" _ dit weet ik niet, dat zal ik eens nalezen; „de liefste streeling, de stoutste satire, de ruwste wanhoop, tot den grijns der naderende krankzinnigheid" — ja, de streeling, dat is zoo, satire ook, maar de wanhoop is niet echt en de krankzinnigheid te aanstellerig; wie voor dronkeman speelt, is doorgaans niet dronken. _ Dekker heeft heelveel plezier gehad in het schrijven van de Minnebrieven; hij bewonderde zich zeiven, en hij wou meer schrijven. Dat is trouwens eene zeer

Sluiten