is toegevoegd aan uw favorieten.

Evolutie, revolutie en het anarchistisch ideaal

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit de kelders, de hanebalken, de zolders der stad herhalen het ons onophoudelijk: wij moeten brood

hebben! Elke andere beschouwing wordt gedrukt door

deze kollektieve uitdrukking van de allereerste behoefte van alle menschelijke wezens. Daar het bestaan zelf onmogelijk is als aan het instinct van het voedsel niet is voldaan, moet men hieraan tegen eiken prijs en vóór alles voldoen, want de maatschappij kan niet verdeeld worden in twee gedeelten, waarvan het eene zou blijven zonder recht op het leven. „Wij moeten brood hebben!" en dit woord moet begrepen worden in zijn ruimste beteekenis, d.w.z. wij eischen voor alle menschen niet alleen voeding maar ook „genot, dat beteekent de materiëele voldoening, die nuttig is voor het bestaan, al wat aan de fysieke kracht en gezondheid toelaat om zich in alle volheid te ontwikkelen. Volgens de uitdrukking van een machtig kapitalist, die niettemin geplaagd wordt door de overweging der rechtvaardigheid: men moet het uitgangspunt gelijk maken voor al degenen die het doel van het leven moeten bereiken."

Men vraagt zichzelf dikwijls af, hoe de hongerlijders, die zoo talrijk zijn, gedurende zoovele eeuwen het hebben kunnen uithouden en nog- in hen die hartstocht van honger, die in hun ingewanden ontstaat, te boven komen, hoe zij zich in gedweeheid hebben kunnen schikken in de organische verzwakking en uitputting. De geschiedenis van het verleden leert het ons. Gedurende de periode van het primitief isolement, toen de weinig talrijke gezinnen of zwakke volksstammen met groote moeite moesten strijden om hun levensbestaan en den band der menschelijke solidariteit nog niet konden aanroepen,