Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pauzen meer om geschriften op den index te zetten. Geen koningen of prinsen om een eed van huldiging af te leggen, geen legerhoofd om trouw aan de vlag te eischen; geen minister van onderwijs meer om het onderwijs voor te schrijven, om tot de zinsneden in de boeken toe aan te wijzen die de onderwijzer zal moeten verklaren. Geen rechter meer om een getuige te noodzaken een belachelijken en valschen eed af te leggen, een meineed inhoudende door het feit zelf dat immers de eed een leugen is. Geen chefs meer, van welken aard ook, ambtenaar, onderwijzer, patroon of familievader, om zich als meester op te werpen aan wien men gehoorzaamheid verschuldigd is.

En de vrijheid van woord? En de vrijheid van handelen? Zijn dat niet de direkte en logische gevolgen van de vrijheid van denken? Het woord is slechts de gedachte die klank is geworden, de handeling is slechts de gedachte in zichtbaren vorm. Ons ideaal omvat dus voor elk mensch de volle en absolute vrijheid om zijn gedachte in alle opzichten uit te drukken, in wetenschap, politiek, zedelijkheid, zonder andere reserve dan die van zijn respekt voor anderen; het omvat gelijkelijk voor elkeen het recht om naar zijn goedvinden te handelen, om „te doen wat hij wil," natuurlijk zijn wil verbindende aan dien van andere menschen in alle kollektieve werken: zijn ) eigen vrijheid is niet beperkt door deze vereeniging, maar integendeel zij groeit, dank zij de macht van den gemeenschappelijken wil.

Het spreekt vanzelf dat deze absolute vrijheid van denken, spreken en handelen niet is overeen te brengen met de handhaving van instellingen, die

Sluiten