Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI. De onlogische verwachtingen. De gedwongen onbuigzaamheid van het kapitaal. Moreele achteruitgang van alle partijen die de macht veroverden: monarchalen, republikeinen en socialisten. Het algemeen kiesrecht en de noodlottige evolutie der kandidaten. De „Eerste Mei." De verdeeling der

Part'jen 69—84

VII. De machten die in strijd zijn. Het onnutte raderwerk der vervolging. Gebrek aan logika in de funktie der moderne staten. De „hoogste rede" der koningen, het „recht van den sterkste." . . bl. 84—97

VIII. Macht der godsdienstige begoocheling. Schijnbare vorderingen der kerk. die de toevlucht is geworden van alle behoudslieden; onmogelijkheid voor haar om zich te schikken in een nieuw milieu. Het onderwijs toevertrouwd aan de vijanden der wetenschap. Onderwijs van de natuur en de maatschappij. De levende en de officieele wetenschap.

Ware schatting der dingen. Vermindering van het

resPekt bl. 98—114

IX. Tegenwoordige toestand en aanstaande toekomst. Geboorte der Internationale. Dewerkstakingen. De onmacht der arbeiders in hun gedeeltelijke stakingen tegen de groot-industrie. De staking der lakenwevers van Vienne, het eerste voorbeeld van inbezitneming der fabrieken in kollektief eigendom. De algemeene werkstaking en de werkstaking der soldaten. De solidariteit der stakers. De kommunistische vereenigingen. Moeilijkheden tot aanpassing aan een nieuw milieu. Het Phalanstère van Texas en Freilana. Koöperatieve en anarchistische koöperatieve vereenigingen. De „Kommune" van Montreuil. bl. 114—131

X. Laatste strijd. Toekomstig vreedzaam samenvallen van de evolutie en de revolutie door de anarchie 131—134

Sluiten