Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Misschien is er geene ervaring, welke het kind meer met bitterheid vervult, dan 't gevoel, dat er geene rechtvaardigheid is bij de behandeling die het ondergaat en dat het beloond of gestraft wordt naar de toevallige luim van vader of moeder.

Dat hoeft de werking op een kind als die van de nachtvorst op pas ontloken bloemen.

En ik vraag u : hoe zullen ouders, die hunne kwade grillen en luimen botvieren aan hunne kinderen, later aanspraak kunnen maken op hun eerbied ?

Niet minder schadelijk en niet minder zeldzaam is het tegendeel van wreedheid en hardvochtigheid : ik bedoel de zwakheid en zoetsappige weekelijkheid, de toegeeflijkheid, die de kinderen verwent.

Er zijn in 't algemeen vele menschen, die niet of moeilijk „neen" kunnen zeggen — en daaronder ook ouders, die hun kinderen nooit iets kunnen weigeren, of als ze eenmaal „neen" gezegd hebben daarbij niet blijven. Zij vormen daardoor kinderen, die altijd drenzen en schreien, wel wetende, dat zij 't eindelijk daarmee winnen. Het is haast onbegrijpelijk, dat vaders en moeders niet inzien hoe verkeerd dit is: of hun eerste verbod of hun later toestemmen moet toch in strijd wezen met het belang van het kind — dat begrijpt zelfs een kind op den duur wel.

Zoo iets heet dan uit liefde te geschieden, maar zulke liefde is geen liefde, maar eene ziekelijke ontaarding daarvan.

Die zoogenaamde liefde, die verwende kinderen kweekt, die in zichzelve geen macht vindt om weerstand te bieden aan wat zij zelve veroordeelt, welker verantwoordelijkheidsbesef zoo zwak is — de liefde, die

Sluiten