Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoe heerlijk lieol zijne ziel te mogen geven en to kunnen geven aan den Vader en antwoord te ontvangen van Hem op onze stille klachten, onze bange zorgen; door Hem vertroost te worden in onze droefenis en onzen rouw : te bemerken, dat Hij ons op zijne wijze bij de hand neemt 0111 ons te leiden op wegen van

goedheid en zegen.

Het is een ondoorgrondelijk mysterie en toch heeft onze ziel de waarheid wel eens ervaren van dat diepzinnig vrome woord: „dengenen die God liefhebben werken alle dingen — alle dingen ! — mede ten goede!'

Het is de kostbaarste schat van ons zielleleven, dat wij ons nabij God kunnen weten; het maakt ons klein ja, en vol schuldbesef en doet ons uit 's harten diepsten grond bidden: „o God, wees mij zondaar genadig"; maar zulk berouw loutert ons leven en is een spoorslag voor edel streven; het heft ons ook omhoog, wijl 't ons uit volle overtuiging leert danken : Van u zijn alle dingen,

Van u, o God, alleen,

Van u de zegeningen O hoorder der gebeên!

De oogenblikken, waarin dat besef van nabij God te zijn sterk in ons is, zijn helaas vaak al te kort en al te zeldzaam (is er niet in ons aller bestaan een wankelen en twijfelen, eene belijdenis van geloof en daarnaast eene bede om ons ongeloof te hidp te komen?)— maar zij zijn de heerlijke hoogtepunten van ons leven, als de disharmonieën en twijfelingen zich oplossen in 't hoog vertrouwen in 's Vaders leiding, als er licht valt op ons pad en moed ons toevloeit om het leven

Sluiten